Start Opvoedingsproject Begeleiding

PMD - Begeleiding van de totale middenschoolleerling

1.         Inleiding

 

 Good teaching cannot be reduced to technique;

good teaching comes from the identity and integrity of the teacher.

Parker J. Palmer

 

     Onze school telt meer dan 330 leerlingen,  48 leerkrachten, 4 

     secretariaatsmedewerkers en 1 directeur: iedereen anders, samen uniek!

 

 

 2          Algemene voorwaarden

 2.1       Schoolklimaat

 2.1.1    In een warm klimaat kan je beter groeien

Definiëren wat nu juist het schoolklimaat uitmaakt, is niet zo eenvoudig. Toch merken we dat buitenstaanders die ons een bezoek brengen, de sfeer feilloos opsnuiven. Gezien de nog jonge leeftijd van onze middenschoolleerlingen en gezien het feit dat zij hun eerste stappen zetten in het secundair onderwijs, is het belangrijk dat er een warm, familiaal klimaat heerst waar jongeren zich thuis voelen. Dat veilige gevoel hebben ze nodig om zichzelf te kunnen zijn en zichzelf te leren kennen, om het leerproces en keuzeproces optimaal te laten verlopen en om vertrouwen te leren hebben in de complexe buitenwereld. Zich goed-voelen op school is een basisvoorwaarde om te kunnen leren.

De teams van leraren en van ondersteunend personeel spelen daarbij een hoofdrol. De manier waarop zij dagelijks met de leerlingen omgaan is bepalend. We besteden heel wat aandacht aan een open communicatie tussen alle partijen en aan respectvol benaderen van de leerlingen. De keuze van de vakoverschrijdende nascholingen gaat dus meermaals in die richting. Allerhande projecten, de middagactiviteiten, de sportdagen, de toneelvoorstellingen …, ze staan telkens zowel in het licht van het vakoverschrijdend leren als van het welbevinden van de leerlingen. 

We hebben het geluk gehuisvest te zijn in een apart gebouw met een eigen speelplaats. Door de architectuur behoudt het gebouw eerder bescheiden afmetingen en wordt het gevoel van kleinschaligheid bewaard.

Regelmatig peilen we naar het welbevinden van de leerlingen (en mogen zij bovendien op het einde van het schooljaar hun leerkrachten evalueren).

2.1.2    Leerlingenparticipatie

De wijze waarop de leerlingenparticipatie wordt uitgebouwd, geeft meer kleur aan de sfeer in de school. Krijgen de leerlingen alle nodige informatie zodat zij zich betrokken kunnen voelen? Kunnen zij terecht met hun ideeën en wordt er daadwerkelijk rekening gehouden met hun voorstellen? Nemen ze als volwaardige partner deel aan het schoolgebeuren?

De actuele berichten worden dagelijks, en op verschillende manieren, aan de leerlingen bezorgd.

-Via Smartschool, de elektronische leeromgeving van de middenschool. Leerlingen kunnen in deze beveiligde ompgeving communiceren (mailen) met elkaar en de leerkrachten. Klasoverschrijdende activiteiten worden hier aangekondigd.

-In twee infokasten wordt informatie aangebracht  over de leerlingenraden, de middagactiviteiten, culturele evenementen, enzovoort.

-Tweemaal per dag ontvangt elke klas via het afwezigheidsregister eventueel nuttige informatie: zo kunnen we met individuele leerlingen documenten uitwisselen en kunnen we ook elke klas als groep bereiken.

 De leerlingenraad vergadert regelmatig samen met de verantwoordelijke leerkrachten. De verkiezing van de klasvertegenwoordigers heeft plaats in het begin van het schooljaar. Via een verslag worden de zorgpunten bekend gemaakt bij het personeel en verder besproken in de directieraad en tijdens de personeelsvergaderingen. De verkozen leerlingen bespreken de onderwerpen van de leerlingenraad met hun klasgenoten in de klas tijdens het uur sociale activiteiten.

 2.1.3    Ouderparticipatie

Jongeren opvoeden is en deelde zorg en gedeelde verantwoordelijkheid: ouders én school. De middenschool ziet ouders als volwaardige partners in het schoolgebeuren en rekent op hun betrokkenheid. Deze kan gaan van  interesse voor het eigen kind tot een algemene participatie en een formeel engagement bvb via het oudercomité. Middels een smartschoolaccount kunnen de ouders "à la minute' de leervorderingen van hun kind online volgen. Elke leerkracht heeft een wekelijks spreekuur waarop ouders welkom zijn (afspraak via schoolsecretariaat). Van louter informeren naar wederkerig communiceren.

3          Brede basisvorming

3.1       Het pedagogisch project 

Precies in de aandacht voor de totale persoon van elke leerling die zich aandient, schuilt de pedagogische meerwaarde van het middenschoolproject dat wij koesteren. Elke leerling is hier welkom en krijgt de kans om twee jaar lang te peilen naar eigen interesses en de eigen aanleg en capaciteiten verkennen, alvorens tot een definitieve studiekeuze te komen.

Wij streven naar een brede, algemene basisvorming voor alle leerlingen. We pogen hier een geheel van kennis, vaardigheden en attitudes bij te brengen die ons minimaal noodzakelijk lijken om als opgroeiende jongeren in de samenleving volwaardige kansen te krijgen. Dit doen we op zo’n wijze dat de meest begaafden extra gestimuleerd, de minst begaafden extra geholpen en gemotiveerd worden.

Achter deze theorie van ‘brede algemene basisvorming’ schuilt een meer dan twintigjarige zoektocht van leerkrachten, opvoeders en directie. Een tocht die ook vandaag nog volop aan de gang is. Via deze bijdrage schetsen we de meest recente evolutie.

3.2       Basisvorming

‘Basisvorming voor alle jongeren’ is één van de grote doelen doe wij sedert het ontstaan van de middenschool nastreven. Weliswaar met vallen en opstaan tot stand gekomen, kunnen we een aantal verworvenheden op een rijtje zetten. In de vakken onderscheiden leerkrachten basis- en extra-doelen. Het verwerven van de basisdoelen bepaalt mee de overgang naar een volgend leerjaar. Het bereiken van de extra-doelen verstrekt veeleer informatie m.b.t. de studiekeuze. Vakoverschrijdend berust de basisvorming op drie grote pijlers: ‘leren, leren’, ‘leren leven’ en ‘leren kiezen’. Training in leervaardigheden (leren leren) komt steeds meer geïntegreerd - in de diverse vakken - aan bod. De leerkracht is de coach die de leerlingen de kans biedt om zich te oefenen in het verwerven dan een aantal vaardigheden. Enkele voorbeelden:

-          werken met een vijfstappenplan voor probleemoplossend denken,…

-          leren verkennen, begrijpend lezen van tekstmateriaal

-          leren structureren

-          leren plannen aan de hand van een schoolagenda

-          werken met een langetermijnplanning

-          … 

Via training in sociale en andere vaardigheden op vlak van burgerzin, milieu, veiligheid, gezondheid, cultuur,… besteden we vooral aandacht aan de attitudevorming. Leerlingen oefenen zich in allerhande omgangsvormen via:

-     één uur per week sociale activiteit met de klastitularis waarbij de nadruk ligt op leren “leren, kiezen, leven”;

-     deelname aan leerlingenraden; een belangrijke oefening van de burgerzin;

-     thema- en projectdagen tegen pesterijen en voor meer verdraagzaamheid;

-     driedaagse studiereis waarbij de geziene leerstof getoetst wordt aan de realiteit en waarbij de leerlingen leren leven en samenwerken in groep.

 

De deelname aan de middenschoolcongressen betekende een inhoudelijk verdieping van het begrip ‘basisvorming voor alle jongeren’.

Basisvorming krijgt een welbepaalde (duidelijker) inhoudelijke invulling: het verwerven van sleutelcompetenties (kennis, vaardigheden, attitudes) om als jongere volwaardig en actief te kunnen participeren aan de uitbouw van de zich steeds vernieuwende maatschappij, dit vanuit het relationeel mens- en maatschappijbeeld én de daaruit voortvloeiende inhoudelijk invulling van het begrip basisvorming.

 3.3       De vakgroepwerking

We streven er naar dat de leerling steeds meer de centrale figuur wordt, die actief aan de slag is. De leerling oefent in. Leren (op allerlei vlakken) is een actief gebeuren. De leraar is coach. De leerling traint zich in het verwerken van kennis, vaardigheden, attitudes,… in de les, met de leerstof als instrument, doorheen allerhande activiteiten.

Daarom komen in de vakwerkgroepen volgende werkpunten sterk naar voor:

-          integratie van ICT,

-          integratie van leren leren in de vakken,

-          zelfstandig (zelfsturend) werken van leerlingen,

-          afwisselende werkvormen,

-          gebruik diverse leermiddelen (andere dan hand- en werkboek),

-          aandacht voor communicatieve interactie,

-          bevorderen van zelfevaluatie bij de leerlingen.

3.4       Contacten met het basisonderwijs

 In de zoektocht naar methoden om sleutelcompetenties via de lessen te verwerven, brengen we  een bezoek aan het basisonderwijs. Heel wat basisscholen beschikken over nogal wat expertise op vlak van zelfstandige werkvormen, zelfsturend leren,… Denken we maar aan hoekenwerk, contractwerk, vormen van coöperatief leren. Dergelijke confrontatie inspireert niet enkel voor de eigen lespraktijk, maar dwingt respect af voor de inzet van leerkrachten uit het basisonderwijs. De werkvormen worden in onze vakgroepen besproken en ze mogelijk ook toegepast in de lessen.

 

3.5       Slot

Ondanks de vele verworvenheden op het vlak van ‘basisvorming’ kunnen we dit middenschooldoel zeker nog niet als een verworvenheid beschouwen. En dat zal het – en zo ook voor de andere middenschooldoelen -  nooit worden! Jongeren opvoeden in een snel evoluerende maatschappij vraagt creativiteit en dynamiek van opvoeders, leerkrachten en directie. Precies dit maakt onze opdracht zo boeiend!

 

4          Totaalbegeleiding als brede waaier

4.1       Leren en leren leren

 De eerste doelstelling van ons opvoedingsproject is Leervaardig’Ze bevat de deeldoelen die we ons stellen om het leren en het leren leren te bevorderen. Om efficiënt te werken rond de vakoverschrijdende eindterm ‘leren leren’, moeten een aantal maatregelen op schoolorganisatorisch vlak genomen worden: een prioritair punt dus voor het schoolbeleid!

In het eerste leerjaar wordt elke week een lesuur ‘leren leren’ gegeven. Deze lessen zijn tijdens de eerste maanden van het schooljaar geen overbodige luxe. Het accent ligt dan vooral op organisatie. Zoveel verschillende leraren, vaklokalen,  werkmappen, handboeken en een nieuwe schoolagenda maken het organisatorisch voor onze eerstejaars niet gemakkelijk. Ze worden hierbij sterk begeleid door de klastitularis. Vooral tijdens het lesuur sociale activiteiten.

Later komt de studiemethode aan bod. We werken met de gekende vijf stappen: verkennen van de leerstof, begrijpen, inprenten, controleren en herhalen. In het tweede leerjaar wordt regelmatig teruggegrepen naar deze methode. Bij leren leren verwachten we in de eerste plaats niet dat er losse studietips worden gegeven, integendeel, aan elke vakleraar wordt gevraagd om de vijfstappenmethode te integreren in het lesgebeuren.

We benadrukken ook sterk de basiscompetenties zelfreflectie en zelfregulatieLeerlingen leren efficiënter als zij voeling krijgen met hun eigen zwakke en sterke punten en als ze verantwoordelijkheid voor het leren zelf opnemen. We ontwierpen eenvoudige en aantrekkelijke middelen die de jongeren stimuleren tot zelfreflectie. Verschillende vakleerkrachten gebruiken daartoe dezelfde hoofding op toetsen: door het gebruik van figuurtjes worden de leerlingen uitgenodigd over het eigen leerproces na te denken.

4.2       Leren kiezen

In het keuzeproces stellen we drie elementen centraal: zelfkennis van de leerlingen, informatieverwerving over studiemogelijkheden, studieloopbanen en overleg met leerling en ouders om tot een beslissing  te komen.

Terwijl het proces voor de eerstejaars nog vrij eenvoudig wordt gehouden, worden de leerlingen van het tweede jaar al vanaf de start van het tweede trimester begeleid bij hun keuze.  De keuzebegeleiding bevat voor hen achtereenvolgens deze stappen:

-zelfreflectie na het kerstrapport;

-samen met de klastitularis werken rond zelfconcept: algemene belangstelling, interpreteren van studieresultaten, interesse en motivatie voor verschillende vakgebieden,

-belangstellingsproeven door een CLB-medewerker,

-informatie over de studiemogelijkheden in de tweede graad en over studieloopbanen,

-bezoek aan de bovenbouw,

-informatieavond voor de ouders,

-een voorlopige keuze maken,

-klassenraden i.v.m. de keuze,

-feedback door de klastitularis,

-contact met ouders bij keuzeprobleem,

-definitieve keuze na het eindrapport.


4.3       Leerlingenbegeleiding: een fijnmazig net!

4.3.1    Door wie?

Ondanks alle goede zorgen verloopt het leer- en leefproces niet voor elke jongere probleemloos. Het organiseren van een efficiënte leerlingenbegeleiding bekijken we als het weven van een fijnmazig net dat leerlingen gericht opvangt, liefst op de juiste manier.

We wijzen een aantal uren van het lesurenpakket toe aan leerlingbegeleidersZij begeleiden de leerlingen individueel, zowel voor studieproblemen (planning, organisatie, studiemethode, orde) als voor socio-emotionele moeilijkheden (een aantal jongeren kampt met een moeilijke puberteit). Zij scholen regelmatig bij i.v.m. deze specifieke taken.

Ook worden enkele uren van het pakket ingevuld als inhaallessen voor  Frans en wiskunde. Voor het maken van huistaken en het studeren van de lessen kunnen de leerlingen tijdens een 8ste lesuur terecht in de avondstudie.

Leerlingen die (wegens ziekte of om andere redenen) enkele toetsen of taken niet hebben kunnen maken, kunnen deze bijmaken in de middagstudie.

In de leren-leren-studie worden eerstejaars geïnitieerd in concrete studiemethodieken, gestoeld op concrete leerstofdelen. Voor de tweedejaars organiseren we peer-studie: leersterke leerlingen engageren zich vrijwillig om andere leerlingen te helpen bij het verwerven en instuderen van nieuwe leerstofdelen.

De leerlingenbegeleiders staan in nauw contact met de CLB-medewerkers. Samen met de directie en ondersteunend personeel wordt wekelijks vergaderd omtrent de begeleiding in de cel leerlingbegeleiding.

In de folder 'Leerlingbegeleiding' wordt de schoolvisie hieromtrent verduidelijkt. Op aanvraag via het schoolsecretariaat bezorgen we u een exemplaar.

Enkele van onze leerlingen genieten GON-begeleiding of volgen bij de inschrijving al een intensieve behandeling. Op regelmatige basis worden met deze GON-begeleiders inlichtingen uitgewisseld. Uiteraard zijn klastitularissen en vakleerkrachten degenen die op de eerste  lijn staan. Zij zijn de spilfiguren die dagelijks zelf begeleiden en extra begeleiding in gang zetten als het nodig blijkt.

Interne leerlingbegeleiders:  Annick De Gronckel en  Heidi Devue.

CLB-medewerkers: Julie Jenné en Liesbeth Dengel. Meer info over het CLB: http://www.ond.vlaanderen.be/clb/Documenten/Ouder/brochure_web.pdf

 

4.3.2    Start

Bij een intake-gesprek dat gevoerd wordt met elke nieuwe leerling en zijn ouders, wordt gevraagd naar terzake doende informatie over de gezondheid, over het leren en over de gezinssituatie van de jongere. Ouders en leerling kiezen zelf welke personen zij op de hoogte willen brengen van deze gegevens. Als er sprake is van een leerstoornis, vragen we naar eventuele attesten. De gegevens worden bewaard in het persoonlijk dossier van de leerling. Ook rekenen wij erop dat ouders ons de BASO-fiche bezorgen.

Op het einde van augustus gaan de leerlingbegeleiders aan de slag. Zij verwerken de inlichtingen en maken een beknopt overzicht voor alle leraren en het ondersteunend personeel. Hierdoor zijn degenen met toezicht op de speelplaats eveneens op de hoogte van wie er ADHD heeft, weten leerkrachten die een collega vervangen of er leerlingen met dyslexie in de groep zitten en kan het ondersteunend personeel van begin af weten of er bijvoorbeeld leerlingen met astma zijn.

Het merendeel van de ouders meldt, gelukkig maar, geen enkel probleem. We merken, dat wanneer er moeilijkheden zijn, we veel baat hebben bij voldoende informatie aan de start. De begeleiding loopt dan zoveel vlotter.

4.3.3    Communicatie  

Als de klastitularis of vakleraar een leerling wenst door te sturen naar een leerlingenbegeleider, maakt hij gebruik van de signaalkaart. Er wordt kort op weergegeven over welke leerling het gaat en wat het doel van de boodschap is. Dit wordt dagelijks bijgehouden, zodat er kort op de bal kan gespeeld worden.

Omdat er verschillende personen bij de leerlingenbegeleiding betrokken zijn, achten wij een adequate communicatie broodnodig. De evolutie en de resultaten worden in de Cel Leerlingenbegeleiding (directie, CLB, ondersteunend personeel, GOK-leerkracht en coördinator) bij elke vergadering besproken. Via het elektronisch leerlingvolgsysteem (onderdeel van Smartschool en enkel toegankelijk voor leerkrachten) worden afspraken en maatregelen terug gekoppeld naar het leerkrachtenteam: snel en efficiënt.

 

5          Besluit

Totaalbegeleiding van de leerling is duidelijk een zorgdragende opgave in de meest ruime zin van het woord. We blijven bewust kiezen voor die opgave omdat we de meerwaarde van totaalbegeleiding ervaren.

Die meerwaarde situeert zich voor onze leerlingen onmiskenbaar in hun leren en hun leven. Maar ze is er ook voor leerkrachten, personeel en directie. De vertrouwensband die groeit tussen leerlingen, ouders en school is een bron van arbeidsvoldoening voor ons allemaal.